Franse grammatica voor beginners: Van ‘Oei’ naar ‘Oui!’
De Franse grammatica … dat klinkt als een flinke uitdaging. Maak je geen zorgen, je bent niet de enige die zucht bij termen als ‘adjectif’ en ‘passé composé’. Grammatica in het Frans is als een goed glas wijn: even wennen, maar daarna kun je er volop van genieten. Dus trek je streepjestrui aan, neem een hap van je croissant en dompel je onder in de Franse taal. C’est parti!

Een overzicht van de Franse grammatica
Wat maakt de Franse grammatica zo lastig?
De Franse taal lijkt misschien een doolhof, maar met een beetje inzicht valt het best mee. De zinsstructuur lijkt erg op die van het Nederlands, en voor de meeste werkwoorden hoef je maar één vaste regel te onthouden. Zelfs de ingewikkelde regels lijken toch best logisch als je er even goed naar kijkt. We nemen de belangrijkste regels van de Franse grammatica met je door!
In dit overzicht van de Franse grammatica kijken we naar de basis: lidwoorden, bijvoeglijk naamwoorden, werkwoorden en voornaamwoorden. Zodra je deze grammatica onder de knie hebt, kun je jezelf al een stuk duidelijker maken in het Frans. Voor de rest doe je er goed aan om zo veel mogelijk nieuwe woorden te leren!
De Franse grammatica oefenen: hoe doe je dat?
Zoals altijd is het belangrijk om zo veel mogelijk met de nieuwe taal bezig te zijn als je deze snel wil leren. Ook voor de Franse grammatica geldt dat het belangrijk is om zo veel mogelijk te oefenen. Als je écht je best doet kun je je vaak al binnen een paar maanden prima redden in het Frans!
Probeer bijvoorbeeld eens elke dag een dagboekje bij te houden in het Frans of kijk eens naar een Franse serie. Natuurlijk helpt het ook om met flashcards te werken en nieuwe woorden zo vaak mogelijk voor jezelf te herhalen. Fouten maken hoort erbij. Hoe meer je oefent, hoe natuurlijker het zal aanvoelen.
Lidwoorden in het Frans
In het Frans heb je onbepaalde lidwoorden (un, une, des) en bepaalde lidwoorden (le, la, l’, les). Begint het zelfstandig naamwoord dat na het lidwoord komt met een klinker of de letter ‘h’? Dan verbind je het lidwoord aan het zelfstandig naamwoord met een apostrof. Het onthouden van de lidwoorden is een kwestie van stampen, maar ook hier krijg je steeds meer gevoel in.
|
Nederlands |
Frans |
Uitspraak |
Luister hier naar de Franse uitspraak |
|
Het boek |
Le livre (m) |
Luh lievr |
|
|
De tafel |
La table (v) |
La tab-luh |
|
|
De boom |
L'arbre |
Lar-bruh |
|
|
De auto's |
Les voitures |
Lee vwha-tuur |
|
|
Een hond |
Un chien (m) |
Uhn sjè |
|
|
Een school |
Une école (v) |
Uun ee-kol |
|
|
Kinderen |
Des enfants |
Dee zon-fan |

Bijvoeglijk naamwoorden in het Frans
In het Frans lopen de bijvoeglijk naamwoorden altijd in de pas met het zelfstandig naamwoord. Het bijvoeglijk naamwoord past zich aan het geslacht (mannelijk of vrouwelijk) en het aantal (enkelvoud of meervoud) van het zelfstandig naamwoord aan. Bijvoeglijk naamwoorden die over zichtbare kenmerken gaan zet je in het Frans vaak achter het zelfstandig naamwoord.
|
Nederlands |
Frans |
Uitspraak |
Luister hier naar de Franse uitspraak |
|
Een grote tuin |
Un grand jardin (m) |
Uhn gran zjar-dè |
|
|
Een groot huis |
Une grande maison (v) |
Uun grand mè-zon |
|
|
Nieuwe appartementen |
De nouveaux appartements (m) |
Duh noe-voh a-par-teu-mon |
|
|
Nieuwe ideeën |
De nouvelles idées (v) |
Duh noe-vel zie-dee |
|
|
Een interessante roman |
Un roman intéressante (v) |
Uun roo-maan èn-té-re-sant |
|
|
Een interessant verhaal |
Une histoire intéressante (v) |
Uun is-twaar èn-té-re-sant |
|
|
Rode ballonnen |
Des ballons rouges (m) |
Dee ba-long roezh |
|
|
Rode bloemen |
Des fleurs rouges (v) |
Dee fleur roezh |
Voornaamwoorden in het Frans
Het is niet in elke taal zo, maar in het Frans, net als in het Nederlands, krijg je te maken met formele en informele (bezittelijk) voornaamwoorden. Je zegt bijvoorbeeld ‘tu’ tegen vrienden, maar ‘vous’ als je beleefd wil zijn. Er zit gelukkig aardig wat logica achter de bezittelijk voornaamwoorden in het Frans. Die logica heeft wederom alles te maken met het geslacht (mannelijk of vrouwelijk) en het aantal (enkelvoud of meervoud) van het zelfstandig naamwoord. Het is maar een klein rijtje dat je voordat je het weet in je hoofd hebt zitten!
|
Nederlands |
Frans |
Uitspraak |
Luister hier naar de Franse uitspraak |
|
Ik, mijn |
Je, mon/ma/mes |
Zhuh, mong/ma/mee |
|
|
Jij, jouw |
Tu, ton/ta/tes |
Tuu, tong/ta/tee |
|
|
Hij/zij, zijn/haar |
Il/elle, son/sa/ses |
Il/el, song/sa/see |
|
|
Wij, ons/onze |
Nous, notre/nos |
Noe, notr/noo |
|
|
Jullie/u, jullie/uw |
Vous, votre/vos |
Voe, votr/voo |
|
|
Zij, hun |
Ils/elles, leur/leurs |
Il/el, leur/leur |

Werkwoorden vervoegen in het Frans
De regelmatige werkwoorden in het Frans volgen duidelijke patronen om ze te vervoegen. Dit zijn de werkwoorden die eindigen op -er, -ir en -re. Er zijn helaas ook een aantal onregelmatige werkwoorden die je in het Frans anders moet vervoegen en uit je hoofd moet leren. In elke tijd vervoeg je een werkwoord weer anders. We nemen de vervoeging van het regelmatige werkwoord in de tegenwoordige tijd (présent), de verleden tijd (passé composé) en de toekomstige tijd (futur simple) vast met je door!
Présent
|
Nederlands |
Frans |
Uitspraak |
Luister hier naar de Franse uitspraak |
|
Ik spreek |
Je parle |
Zhu parl |
|
|
Jij spreekt |
Tu parles |
Tu parl |
|
|
Hij / Zij spreekt |
Il / Elle parle |
Il / El parl |
|
|
Wij spreken |
Nous parlons |
Noe par-lon |
|
|
Jullie spreken |
Vous parlez |
Voe par-lee |
|
|
U spreekt |
Vous parlez |
Voe par-lee |
|
|
Zij spreken |
Ils / Elles parlent |
Il / El parl |
Passé composé
|
Nederlands |
Frans |
Uitspraak |
Luister hier naar de Franse uitspraak |
|
Ik heb gesproken |
J'ai parlé |
Zjè par-lee |
|
|
Jij hebt gesproken |
Tu as parlé |
Tu a par-lee |
|
|
Hij / Zij heeft gesproken |
Il / Elle a parlé |
Il / El a par-lee |
|
|
Wij hebben gesproken |
Nous avons parlé |
Noe za-von par-lee |
|
|
Jullie hebben gesproken |
Vous avez parlé |
Voe za-vee par-lee |
|
|
U heeft gesproken |
Vous avez parlé |
Voe za-vee par-lee |
|
|
Zij hebben gesproken |
Ils / Elles ont parlé |
Il / El zon par-lee |
Futur simple
|
Nederlands |
Frans |
Uitspraak |
Luister hier naar de Franse uitspraak |
|
Ik zal spreken |
Je parlerai |
Zhu par-luh-ree |
|
|
Jij zult spreken |
Tu parleras |
Tu par-luh-ra |
|
|
Hij / Zij zal spreken |
Il / Elle parlera |
Il / El par-luh-ra |
|
|
Wij zullen spreken |
Nous parlerons |
Noe par-luh-ron |
|
|
Jullie zullen spreken |
Vous parlerez |
Voe par-luh-ree |
|
|
U zult spreken |
Vous parlerez |
Voe par-luh-ree |
|
|
Zij zullen spreken |
Ils / Elles parleront |
Il / El par-luh-ron |
Nog meer Frans leren?
Voilà, je hebt nu een stevige basis van de Franse grammatica! Of je nu bezig bent met het vervoegen van werkwoorden, het plaatsen van bijvoeglijk naamwoorden of het kiezen van de juiste bezittelijke voornaamwoorden – je bent al een heel eind op weg. We hebben nog wat meer woorden voor je klaargezet, zodat je deze direct aan de Franse grammatica kunt koppelen:
Om echt goed Frans te leren heb je wat meer diepgang en structuur nodig. NHA is gespecialiseerd in taalcursussen en helpt jou graag op weg naar ERK-niveau A2 of B1. Je kunt op elk niveau instappen en bepaalt zelf het tempo van je studie. Na de cursus weet je zeker dat jij je in het Frans kunt redden, dat is een garantie die we met onze ervaren vakdocenten kunnen geven!
Review Frans voor Gevorderden





‘Het is een prettige cursus die aanhaakt bij dagelijkse dingen, vakanties, eten en drinken. De teksten lijken actueel. De wijze waarop je langzaam maar zeker beter frans leert schrijven en spreken is heel prettig.’
Welkomstcadeau
.png)
Daarom NHA
15 dagen gratis uitproberen
Start direct met de cursus
Studeer in je eigen tempo
Niet geslaagd? Lesgeld terug
Slaag makkelijker met Easy Learning®
Gratis toegang tot de NHA e-bookbibliotheek



